Kruisweg #01 – Jezus wordt ter dood veroordeeld

Kruisweg #01 – Jezus wordt ter dood veroordeeld

Beschrijving

Afbeelding 01 van de kruisweg zoals deze vele jaren in de St. Janskerk te Roosendaal te zien was.

De laatste statie (#14 Jezus wordt in het graf gelegd) ontbreekt in de verzameling.
Dit laat zich eenvoudig verklaren doordat deze afbeelding nooit gemaakt is.

Nadat Frans Hertoghs de eerste dertien afbeeldingen in opdracht van Deken Dierikx van de St. Janskerk geschilderd had, vond de opdrachtgever dat Frans het veertiende en laatste schilderij wel gratis kon maken.

Frans Hertoghs op zijn beurt vond van niet en om deze principiële reden is het laatste doek uiteindelijk nooit gemaakt.

Lees ook onderstaand (bewerkt) fragment uit “Mijn jeugdherinneringen” van Wil Hertoghs – zoon van Frans Hertoghs broer Willem:

– – – – –

In het jaar 1930 gaat oom Frans ook meer erkenning krijgen wat betreft zijn kunstenaarschap.
Van deken Dierikx van de St. Jans Parochie krijgt hij de vererende opdracht een nieuwe kruiswegstatie te schilderen op formaat van de oude die er in de kerk hangt. Dat is natuurlijk geen sinecure.


Er is afgesproken dat hij voor ieder schilderij honderd gulden zal ontvangen, een fooi eigenlijk voor het enorme werk dat er aan vast zit. In de periode van 1930 tot 1935 zullen er dertien staties klaar komen.
De laatste is nooit gereedgekomen omdat de parochie meende dat oom Frans die maar voor niets moest maken.
Dat conflict is nooit opgelost….
Hoewel oom Frans een heel vroom man is druist dit toch té zeer tegen zijn gevoel voor rechtvaardigheid in dan dat hij ooit zou kunnen toegeven.

Nog in 1930 komt de eerste statie, Christus wordt ter dood veroordeeld, tot stand.
De eerste statie valt al direct goed uit en steekt enorm gunstig af bij de stijve behandeling van dit onderwerp op de oude kruisweg. Ook is hij veel kleuriger en levendiger van toon.
We hebben er alle bewondering voor want het is geen kleinigheid zoveel figuren levensecht  op het doek te brengen. Ook de tweede statie lukt heel goed. ……………….

……………Naarmate het werk vordert komt oom Frans er steeds beter in en van tijd tot tijd gaan Pa en ik zo eens kijken hoe het wordt.
Het lijkt me een prachtig ideaal om ook schilder te worden: dat zou ik ook graag willen doen. Maar oom Frans vertelt me dat in de kunst alleen de allergrootsten en dan nog wel als ze geluk hebben hun brood ermee kunnen verdienen.
Hij raadt me aan om goed te studeren. Dan kan ik later schilderen als een hobby beoefenen.

Van de vijfde statie “Simon van Cyrenen helpt Jezus Zijn kruis te dragen”, heb ik ook zelfs een detailopname, waaruit de voorliefde blijkt die oom Frans vertoont voor atletische figuren.
Geen wonder dat Pieter Paul Rubens zijn grote favoriet is.
Het is jammer dat in de tijd dat deze schilderijen ontstaan de kleurenfotografie nog niet is uitgevonden, anders zouden we nu een beter idee kunnen geven van het werk.

Terwijl ik bezig ben met het optekenen van deze berichten over de totstandkoming van deze kruiswegstatie kom ik voor wat betreft de datering tot een merkwaardige conclusie. Terwijl in een krantenartikel naar aanleiding van de zeventigste verjaardag van oom Frans de jaren 1930 tot 1935 genoemd worden als de tijd waarin de kruiswegstatie ontstaan is, merk ik op de foto’s duidelijk de jaartallen 1927 en 1929.
Blijkbaar is de krant dus fout geweest en moet het geheel een paar jaar vroeger gedateerd worden.
In alle geval is oom Frans in 1930 nog bezig geweest met zijn opdracht.

Op de gewone kerkbezoekers maakt het zevende doek een diepe indruk en ongetwijfeld zal het bijgedragen hebben tot de devotie van de Heilige Kruisweg, die in deze jaren nog echt levendig is.
Niet alleen worden er van tijd tot tijd, maar zeker op Goede Vrijdag, kruiswegoefeningen gehouden, maar men ziet in deze jaren nog vaak afzonderlijke personen hun eigen kruisweg bidden, waarbij de beschouwing van deze schilderijen veel tot de devote stemming zullen bijgedragen hebben.

Het lijkt mij ook een hele opdracht om ervoor te zorgen dat de figuur van Jezus, van verschillende standpunten beschouwd toch op elke statie als dezelfde persoon herkend moet worden.
Wat dat betreft is het werk ook ongelooflijk goed gelukt.
Aan alles kan men merken dat de academische opleiding die oom Frans genoten heeft goede vruchten heeft afgeworpen.
Toch is zijn bescheidenheid en afkeer van enige reclamemethode er de oorzaak van dat hij hoogstens een regionale bekendheid heeft. Daar komt dan nog bij dat de harde jaren van economische neergang nu niet direct geschikt zijn om belangstelling voor beeldende kunsten aan te wakkeren.

In de tiende en elfde statie blijkt de voorliefde van oom Frans voor Rubensiaanse figuren.
In de dertiende statie, de kruisafneming, merken we duidelijk dat hij door Rubens geïnspireerd is geweest als we de duidelijke diagonale lijn van het lichaam van Christus en de figuur rechtsboven in de compositie onderkennen. 

Het is ontzaglijk jammer dat de veertiende statie niet voltooid is maar dit is natuurlijk een prestigekwestie geworden.
Op de foto waarop Frans aan het schilderen is kunnen we zien dat wat de persoon van oom Frans betreft, hij thans al een vijftiger is die al heel wat van zijn haar verloren heeft, terwijl zijn gezondheidstoestand niet altijd optimaal is.
Vooral moet hij steeds oppassen voor neusbloedingen want die hebben niet de neiging gauw op te houden.

In deze tijd vinden er in de Sint Jan ook andere wijzigingen plaats wat betreft het interieur. In deze tijd spreekt men buitengewoon geringschattend over de waterstaatsstijl.
Dat is zo iets als ontaarde kunst, kitsch zonder enige waarde.
Men wil van de witte muren af omdat dit doet denken aan de protestantse kerken, die koud en gevoelloos aandoen. Vandaar dat men de muren en pilaren kleuriger laat verven om het interieur meer op een middeleeuwse kerk te laten lijken.

We leven in een tijd dat de Middeleeuwse stijl weer opgeld doet.
De Middeleeuwen worden weer als de grote periode in onze geschiedenis voorgesteld en men probeert in zekere zin dit ideaal  wat meer te benaderen.
Drs. R. Gaspard levert in zijn lessen op het lyceum een enorm afbrekende kritiek op de Sint Janskerk, met zijn Gotische toren op een klassiek tympanon. Het is haast zo erg als de potpourri van stijlen aan het Palais de Justice in Brussel.
In de vraag naar meer kleur voorziet de nieuwe kruisweg voortreffelijk.
Alleen zie ik niet in waarom dan ook de muren pilaren en plafonds zo bont beschilderd moeten worden: het rustige koele wit voldeed m.i. heel goed in combinatie met de kleurrijke schilderijen.
Maar iedere tijd heeft zijn eigen normen: in 1930 kunnen we nog onmogelijk bevroeden dat het wit van de waterstaatskerk in 1963 hersteld zal worden en de kruisweg van oom Frans als niet passend in deze tijd verbannen……

 

 

Extra informatie

Catalogi & Exposities

Geen catalogusvermelding bekend

Datering

1927

Eigendom/Bezit

Particulier bezit familie

Signatuur

Fr. Hertoghs